Methodologie (BT-PPV3 of PRE-MTHBO) en minimaal 120 EC uit de bachelor behaald. Daarnaast voor een bachelorproef NT minimaal 12,5 EC NT-Grieks behaald of voor een bachelorproef OT minimaal 12,5 EC Bijbels Hebreeuws behaald
De student:
1. kan een relevante academisch-theologische vraagstelling opstellen (ET 5);
2. kan het eigen onderzoek inbedden in de bestaande vakkennis (ET 3+4);
3. kan de wetenschappelijke en maatschappelijke relevantie van het eigen onderzoek beargumenteren (ET 7);
4. kan thema’s, begrippen en methoden binnen één van de zeven belangrijkste theologische disciplines beschrijven (ET 3);
5. kan thema’s, begrippen en methoden in aan deze discipline verbonden niet-theologische vakgebieden, zoals Bijbeltalen, filosofie, godsdienstwetenschappen en sociale wetenschappen beschrijven (ET 4 );
6. kan bronnenmateriaal analyseren en interpreteren door middel van vakspecifieke methoden voor informatieverwerving en -verwerking (ET 5);
7. kan schriftelijk en mondeling rapporteren (ten overstaan van een breed publiek van specialisten en niet-specialisten) (ET 5);
8. kan wetenschappelijk argumenteren (ET 5);
9. kan een methodisch verantwoord oordeel vormen binnen de gekozen discipline, mede gebaseerd op het afwegen van relevante wetenschappelijke en eventueel sociaal-maatschappelijke en ethische aspecten (ET 6);
10. kan de implicaties van de geformuleerde conclusies interpreteren met het oog op de actuele academische en maatschappelijke context (ET 6+7);
11. kan de tekortkomingen van het eigen onderzoek evalueren en aanbevelingen formuleren met het oog op vervolgonderzoek (ET 5);
12. kan kritisch reflecteren op de subjectiviteit en diversiteit van meningen en achtergronden met betrekking tot het onderwerp van de scriptie (ET 5,8,9);
13. kan zelfstandig werken binnen een vooraf vastgesteld tijdpad (ET 5,6,8);
14. kan feedback ontvangen en verwerken tijdens het onderzoek (ET 5,6,9);
15. kan eigen initiatief, creativiteit, verantwoordelijkheid en doorzettingsvermogen tonen tijdens het onderzoek (ET 8).
De bacheloropleiding wordt afgesloten met een bachelorproef. Studenten laten hiermee zien dat zij voldoende academische vaardigheden bezitten om een onderzoek uit te voeren en daarover wetenschappelijk te rapporteren (zowel schriftelijk als mondeling). Aan de bachelorproef ligt een regeling ten grondslag. Deze is geplaatst op Canvas.
Het schrijven van de scriptie wordt begeleid en beoordeeld door twee vakdocenten: een begeleider (tevens eerste beoordelaar) en een tweede beoordelaar. Studenten kunnen zelf een onderwerp kiezen op basis van een lijst met vooraf vastgestelde onderzoeksthema’s. De onderwerpkeuze is afhankelijk van de beschikbaarheid van de begeleiders (vakdocenten).
Contacturen: 4 begeleidingsmomenten
Collegevoorbereiding: n.v.t.
Zelfstudie: de bachelorproef is berekend op 10 EC (280 uur)
De toetsing van de bachelorproef bestaat uit twee onderdelen: bachelorscriptie en presentatie met publieke discussie.
De omvang van de scriptie dient uit minimaal 10.000 en maximaal 15.000 woorden te bestaan, inclusief voetnoten en exclusief voorblad, inhoudsopgave, literatuurlijst en eventuele bijlagen. De beoordeling van de scriptie wordt vastgesteld aan de hand van een beoordelingsformulier.
De student krijgt ook een beoordeling voor de 20 minuten durende presentatie van de scriptie en de kritische discussie van eveneens 20 minuten, gebruikmakend van een beoordelingsformulier.
De beoordeling van de scriptie weegt driemaal, de beoordeling van de presentatie (incl. kritische discussie) éénmaal. Beide deelcijfers dienen voldoende te zijn en worden afgerond op een halve punt. Na berekening van het eindcijfer wordt ook het eindcijfer afgerond op een halve punt.
| Naam | Code | Beoordeling | Gewicht | Vakbodem |
|---|---|---|---|---|
| Scriptie (incl. onderzoeksplan en presentatie) | BT-BP | Cijfer | 1 | 5.5 |