De student:
kan beschrijven welke visies filosofen sinds de Verlichting op de mens hebben (ET2,4);
kan stromingen in de geschiedenis van de wijsgerige antropologie vanaf de Verlichting weergeven en evalueren (ET2,4);
kan een standpunt innemen over het thema ‘mens-zijn na de dood van God’ (ET2,4).
In de colleges wordt een inleiding in wijsgerige antropologie geboden met aandacht voor actuele thema’s zoals persoonlijke identiteit en authenticiteit, humaniteit en waardigheid, zin en levenskunst. Bovendien is er aandacht voor ontwikkelingen in het denken over mens en wereld sinds de Verlichting, zoals dat te vinden is bij met name Kant, Hegel, Kierkegaard, Nietzsche, Heidegger, Dooyeweerd, Sartre, Foucault, Levinas en Taylor; filosoferen over de mens na ‘de dood van God'.
Hoorcolleges, literatuurstudie, essay
Contacturen: 6x2u
Collegevoorbereiding: literatuur 12 uur
Zelfstudie: literatuur 22 uur en essay 24 uur; totaal 46 uur
Essay van 3500 - 4000 woorden over ‘De mens na de dood van God’, waarin de student aantoont de vereiste literatuur te hebben bestudeerd en daarop te kunnen reflecteren.
Brink, G. van den. Oriëntatie in de filosofie. Zoetermeer: Boekencentrum, 2000.
Taylor, C. Sources of the Self: The Making of Modern Identity. Cambridge: CUP, 1989. In Nederlandse vertaling: Bronnen van het zelf. De ontstaansgeschiedenis van de moderne identiteit. Rotterdam: Lemniscaat Uitgeverij, 2009.
Sperna Weiland, J.A. De mens in de filosofie van de twintigste eeuw. Amsterdam: Meulenhoff Boekerij, 1999.
Woudenberg, R. van. “Herman Dooyeweerd.” In Kritisch Denkerslexicon. Alphen aan den Rijn: Samsom, 1992.
| Naam | Code | Beoordeling | Gewicht | Vakbodem |
|---|---|---|---|---|
| Wijsgerige Antropologie Essay | BT-WA2A.1 | Cijfer | 1 | 5.5 |